Een beregeningszone creëren
Methode |
Gereedschap |
Gereedschappenset |
Methodes voor het tekenen van een Polylijn |
Beregeningszone
|
Irrigatie |
Onder een beregeningszone verstaan we een gebied met gegroepeerde planten die een gelijkaardige waterbehoefte hebben. Aan elke beregeningszone wordt een bepaald niveau van waterverbruik en een algemeen irrigatietype toegekend. Dit is handig voor landschapsarchitecten die een algemeen irrigatie-element aan hun plan willen toevoegen, voor ontwerpers die een beplantingsplan conform de voorschriften en met een optimaal watergebruik voor ogen hebben, of voor irrigatiedeskundigen die zich nog in de vroege fase van een ontwerp bevinden. Aan de hand van de waterbehoefte van een landschapsontwerp kunt u het totale waterverbruik van een terrein inschatten. Dit kan handig zijn met het oog op voorschriften en certificering. In voorgedefinieerde rekenbladen kunt u een rapport opstellen van de beregeningszones, het waterverbruik en de planten ingedeeld volgens hun waterbehoefte.
Plaats de beregeningszone in een tekening met een terreinmodel, landschapszone of perceelsgrens. Vervolgens wordt berekend hoeveel van de oppervlakte in beslag wordt genomen door de beregeningszone en de watervoorziening ervan. Hierbij wordt rekening gehouden met het 2D/Planaanzicht van het terreinmodel, het perceel of de landschapszone.
Methode |
Omschrijving |
Verbruiksniveau |
Bepaal de waterbehoefte van de beregeningszone door een van de voorgedefinieerde niveaus met een voorgestelde waarde te kiezen of door Op maat te selecteren. |
Waterverbruik |
Geef hier de standaardwaarde voor het waterverbruik op (normaal een waarde tussen 0 en 1). U kunt ook een andere waarde voor de verbruiksniveaus opgeven. Als u deze waarde wijzigt, heeft dit invloed op beregeningszones die u hierna creëert, maar niet op de reeds bestaande. De opgegeven waarde wordt bewaard in de gebruikersmap. |
Creatiemethodes polylijn |
Selecteer volgens welke methode u de polylijn wilt tekenen (zie Polylijnen tekenen). Het object wordt op deze polylijn gebaseerd. |
Instellingen |
Pas de standaardinstellingen voor de beregeningszone aan. |
Om een beregeningszone te creëren:
Activeer het gereedschap en selecteer de gewenste tekenmethode.
Het is ook mogelijk om een beregeningszone te creëren door het commando Creëer objecten d.m.v. meetkundige vorm toe te passen op een polygoon in de tekening (zie Creëer objecten op basis van vormen).
Selecteer het Verbruiksniveau en geef het corresponderende Waterverbruik voor de beregeningszone op.
Klik op de knop Instellingen om het instellingenvenster te openen en de standaardinstellingen voor het gereedschap aan te passen. Nadien kunt u de parameters wijzigen via het Infopalet.
Klik hier om de velden te tonen/te verbergen.Klik hier om de velden te tonen/te verbergen.
Veld |
Omschrijving |
Standaard |
|
Naam |
Geef in dit veld de naam van het beregeningsgebied op. Dit kan handig zijn voor labels, informatieve doeleinden en het identificeren van beregeningszones in rekenbladen. |
Methode |
Kies de primaire irrigatiemethode voor de beregeningszone of selecteer ‘Bewerk de lijst met methodes’ om een methode aan de lijst toe te voegen zoals beschreven in Bewerk de methodelijst van de beregeningszone. |
Verbruiksniveau |
Bepaal de waterbehoefte van de beregeningszone door een van de voorgedefinieerde niveaus met een voorgestelde waarde te kiezen of door Op maat te selecteren en zo een andere waarde op te geven. |
Waterverbruik |
Geef hier de standaardwaarde voor het waterverbruik op (normaal een waarde tussen 0 en 1). U kunt ook een andere waarde voor de verbruiksniveaus opgeven. Als u deze waarde wijzigt, heeft dit invloed op de huidige beregeningszone en de beregeningszones die u hierna creëert, maar niet op de reeds bestaande. De opgegeven waarde wordt bewaard in de gebruikersmap. |
Klasse waterverbruik |
Vink deze optie in eerste instantie aan om automatisch een klasse voor het geselecteerde waterverbruik te creëren. Zodra deze klasse gecreëerd is, kunt u door middel van deze optie bepalen of de klasse van toepassing is op de geselecteerde beregeningszone. |
Type plant |
Selecteer welke planten of andere elementen het landschap bepalen binnen de hydrozone. Dit kan nuttig zijn voor labels en irrigatierapporten. |
Opmerking |
Geef in dit veld een opmerking over het object. Dit kan handig zijn voor labels, irrigatierapporten en andere rekenbladen. |
Koppel tag/label |
Vink deze optie aan om automatisch een tag/label aan het object te koppelen. Het meest recent geselecteerde label voor dit type object wordt gebruikt. Klik op het label om de eigenschappen ervan te bewerken (zie Labels aan irrigatieobjecten toevoegen). |
Informatie |
|
Beregeningszone |
Hier vindt u de totale oppervlakte van de beregeningszone in 2D/Planaanzicht. |
Terreinoppervlakte |
Hier vindt u de totale terreinoppervlakte van de tekening zoals bepaald in de Instellingen voor de terreinoppervlakte. |
% van terreinoppervlakte |
Hier vindt u het berekende percentage van de terreinoppervlakte dat in beslag wordt genomen door de beregeningszone. |
Klik op deze knop om een dialoogvenster te openen waarin u kunt bepalen hoe de terreinoppervlakte wordt berekend. De terreinoppervlakte is van toepassing op alle beregeningszones in de tekening. Landschapszones: Wanneer u deze optie selecteert, is de terreinoppervlakte gelijk aan de som van de landschapszones in de tekening (als deze overlappen wordt de grootste landschapzone in rekening genomen). Afhankelijk van de aangevinkte elementen worden gebouwen, verhardingen, wegen en/of parkeerzones in de tekening van de terreinoppervlakte afgetrokken. Perceelsgrenzen: Wanneer u deze optie selecteert, wordt de terreinoppervlakte bepaald door de perceelsgrens die zich het dichtste bij de beregeningszone bevindt. Afhankelijk van de aangevinkte elementen worden gebouwen, verhardingen, wegen en/of parkeerzones in de tekening van de terreinoppervlakte afgetrokken. Terreinmodel: Wanneer u deze optie selecteert, wordt de terreinoppervlakte bepaald op basis van het voorgestelde terreinmodel in de tekening. Afhankelijk van de aangevinkte elementen worden gebouwen, verhardingen, wegen en/of parkeerzones in de tekening van de terreinoppervlakte afgetrokken. Op maat: Geef een terreinoppervlakte op maat in. Berekeningen zullen op deze waarde gebaseerd worden. |
|
Parameters controlepunten |
Gebruik deze parameters om de controlepunten te bewerken van het pad dat aan de basis ligt van de beregeningszone (zie Controlepunten van objecten aanpassen. |
Klik een eerste maal om de locatie van de beregeningszone te bepalen. Teken vervolgens de polylijn van de beregeningszone door bij elk controlepunt te klikken. Klik op het beginpunt of dubbelklik om het laatste controlepunt van de beregeningszone te plaatsen.